Silly Shepherds · leestijd ± 10 minuten
Heupdysplasie is een bekende erfelijke ontwikkelingsstoornis die relatief vaak bij grote hondenrassen, waaronder de Duitse Herder, wordt gezien. Vooral bij jonge pups is het verstandig om veelvuldig en ongecontroleerd traplopen te beperken. Traplopen is niet dé oorzaak van HD, maar kan voor een jonge hond wel een onnodige belasting vormen.
Dat is één ding dat ik altijd heb vermeden met mijn herders. Niet omdat een dierenarts het me oplegde. Maar omdat het logisch voelde.
Zowel trap op als trap af is een belasting voor de gewrichten. Trap op vraagt van de achterpoten dat ze de hond omhoog duwen. Trap af vraagt van de achterpoten dat ze bij elke tree afremmen. Geen van beide is onschuldig voor een pup met nog niet volgroeide gewrichten.
Heb ik daarmee heupdysplasie bij de Duitse Herder voorkomen? Dat weet ik niet zeker. Maar geen van mijn herders heeft voor zover wij weten klinische klachten door heupdysplasie gehad. En ik blijf het doen.
Dit zijn de 7 dingen die elke eigenaar zou moeten weten over heupdysplasie bij de Duitse Herder — vanuit bijna 30 jaar ervaring met dit ras.
1. Heupdysplasie Duitse Herder — wat is het precies?
Heupdysplasie — afgekort HD — is een afwijking in de ontwikkeling van het heupgewricht. Bij heupdysplasie ontwikkelt het heupgewricht zich niet optimaal. Er kan te veel speling ontstaan tussen de heupkop en de heupkom, waardoor het gewricht instabiel wordt. Op termijn kan dit leiden tot beschadiging van kraakbeen en artrose.
Die instabiliteit kan leiden tot pijn, stijfheid, moeite met opstaan — een hond die steeds minder kan wat hij vroeger moeiteloos deed. Maar de ernst op een röntgenfoto en de hoeveelheid klachten lopen niet altijd gelijk op; ook een hond met duidelijke afwijkingen hoeft niet voortdurend klachten te tonen.
HD is deels erfelijk en deels beïnvloedbaar. Dat tweede deel — het deel dat jij als eigenaar kunt beïnvloeden — is precies waar we het in dit blog over hebben.
2. Hoe herken je het?
De signalen verschillen per leeftijd.
Bij jonge honden en pups zie je soms: veel liggen, moeite met opstaan, een opvallende manier van lopen waarbij de achterpoten tegelijk worden opgetild — het zogenaamde 'bunny hopping'. Een pup die al na een korte wandeling wil stoppen. Die het moeilijk vindt om op glad oppervlak te lopen.
Bij volwassen honden: stijfheid na rust, mank lopen dat erger wordt bij koud weer of na inspanning, of spierverlies aan de achterkant doordat de hond zijn gewicht onbewust verplaatst naar de voorkant.
Deze signalen zijn niet specifiek voor HD — ze kunnen ook bij knieproblemen, rugklachten, groeipijn en andere orthopedische aandoeningen voorkomen. Herken je deze signalen? Laat je hond dan door een dierenarts onderzoeken. Voor de diagnose combineert de dierenarts lichamelijk onderzoek met geschikte röntgenfoto's.
3. De beoordelingsschaal — van A tot E
In Nederland beoordeelt de Raad van Beheer de heupen op een schaal van A tot E:
HD A – negatief: op basis van de foto's vrij van HD. HD B – overgangsvorm: kleine veranderingen zichtbaar. HD C – licht positief: kleine veranderingen passend bij HD. HD D – positief: duidelijke veranderingen passend bij HD. HD E – positief in optima forma: ernstige misvorming van de heupgewrichten.
Een HD-D of HD-E uitslag betekent niet automatisch dat een hond pijn heeft of onmiddellijk behandeld moet worden. De behandeling hangt af van de daadwerkelijke klachten, het lichamelijk onderzoek en de leefkwaliteit.
Voor nesten waarvoor vanaf 1 januari 2026 een Nederlandse stamboom wordt aangevraagd, geeft de Raad van Beheer geen stambomen af wanneer bij een ouderdier HD-D of HD-E is vastgesteld. Dit geldt ook bij ED II of ED III. Een belangrijke stap in de goede richting — maar nog lang niet het eindpunt.
Vraag altijd naar de officiële HD- en ED-uitslagen van beide ouderdieren. HD-A biedt op basis van de foto's de gunstigste uitslag; HD-B is een overgangsvorm. Kijk daarnaast naar uitslagen binnen de bredere familielijn en naar het fokbeleid van de rasvereniging. Goede uitslagen verkleinen het risico, maar geven geen volledige garantie.
Zara's vader Grimm della Valcuvia en haar moeder Viby v.d. Zomerdijkslanden hebben beide HD/ED normal. Dat was voor ons een van de factoren bij de keuze voor Zara.
4. Elleboogdysplasie — de minder bekende broer van HD
Minder bekend maar zeker zo belangrijk bij de Duitse Herder: elleboogdysplasie, afgekort ED — een aandoening waarbij de elleboog zich niet goed ontwikkelt: losse botfragmenten, kraakbeenschade, instabiliteit.
Een Franse studie bij Duitse Herders vond een ED-prevalentie van 19,4 procent, met bij 42,2 procent van de aangedane ellebogen een combinatie van afwijkingen. Omdat het om een onderzochte, geselecteerde groep honden ging, betekent dit niet automatisch dat precies één op de vijf Duitse Herders ED heeft.
Vraag bij de fokker altijd naar zowel de officiële HD- als ED-uitslagen. Wil je je eigen hond officieel laten beoordelen, bespreek dan met je dierenarts wanneer HD- en ED-foto's gemaakt kunnen worden.
5. Degeneratieve myelopathie — de stille bedreiging
Dan is er nog een derde aandoening die minder bekend is maar minstens zo ingrijpend: degeneratieve myelopathie, afgekort DM.
DM is een progressieve aandoening van het ruggenmerg die bij oudere honden kan optreden. De ziekte begint met zwakte en coördinatieverlies in de achterpoten — de hond sleept met zijn poten, zijn nagels schaven over de grond. En hoe langer hij loopt, hoe erger het wordt. Er is geen genezing; de ziekte schrijdt langzaam voort.
Bij DM speelt onder andere een bekende variant in het SOD1-gen een rol. Met een DNA-test kan worden vastgesteld of een hond vrij, drager of genetisch 'at risk' is. Een at-riskuitslag betekent niet dat de hond de ziekte zeker zal krijgen. De test is vooral een hulpmiddel bij verantwoorde fokcombinaties en is geen diagnose voor een hond met klachten.
DNA-onderzoek naar DM wordt bij de Duitse Herder door de Raad van Beheer genoemd als aanbevolen onderzoek, terwijl HD en ED via de rasvereniging verplicht kunnen zijn. Vraag de fokker of de ouderdieren op DM zijn getest en hoe de uitslagen bij de gekozen combinatie zijn meegewogen.
6. Wat kun jij als eigenaar doen?
HD en ED zijn deels erfelijk — dat deel kun je niet meer beïnvloeden als de hond eenmaal geboren is. Maar er zijn factoren die je wel kunt beïnvloeden, zeker in de puppyfase.
Voeding in de eerste jaren: niet te veel, niet te snel groeien. Een pup die te snel groeit door te veel calorieën legt meer druk op nog niet volgroeide gewrichten. Gebruik puppyvoer speciaal voor grote rassen. Meer over voeding lees je in ons blog over voeding van de Duitse Herder.
Beweging — maar de juiste beweging: beweging en korte trainingsmomenten zijn juist belangrijk voor een pup. Voorkom tijdens de groei wel langdurige gedwongen inspanning, steeds achter een bal aan sprinten, hoge sprongen, scherpe draaiingen en hardlopen naast de fiets. Bouw belasting geleidelijk op en pas deze aan de leeftijd, conditie en ontwikkeling van de hond aan. Vrij en rustig bewegen op een gevarieerde, veilige ondergrond is meestal geschikter dan langdurige of herhaalde gedwongen inspanning.
Trappen: veelvuldig of rennend traplopen kan vooral voor jonge pups, honden met bestaande gewrichtsklachten en honden die de trap niet gecontroleerd nemen belastend zijn. Draag een jonge pup indien dat veilig mogelijk is. Wordt hij te zwaar, leer hem dan rustig en gecontroleerd traplopen en voorkom dat hij de trap op- en afstormt. Een grote Duitse Herder blijven dragen kan voor eigenaar én hond gevaarlijk worden.
Gladde vloeren: regelmatig uitglijden op parketvloeren, tegels of marmerlook kan voor onzekerheid en extra belasting zorgen. Leg daarom antislipmatten of lopers op plaatsen waar je hond vaak loopt, draait of opstaat.
Gewicht op peil houden: dit is misschien wel het belangrijkste punt van allemaal — en het meest onderschatte. Overgewicht veroorzaakt niet in zijn eentje heupdysplasie, maar het verhoogt de belasting van heupen, ellebogen en knieën. Bij honden met een bestaande aanleg of gewrichtsafwijking kunnen klachten daardoor eerder of ernstiger zichtbaar worden. Overgewicht hangt bovendien samen met een hoger risico op verschillende orthopedische problemen, waaronder kruisbandletsel.
We kennen honden die te zwaar waren en later een kruisbandruptuur kregen — een scheur in de verbinding die de knie stabiliseert, een van de meest voorkomende en duurste operaties bij honden. Of het gewicht daarbij de enige oorzaak was, weten we niet, maar het zal de gewrichten niet hebben geholpen.
Beloningen zijn prima. Maar echte liefde is een hond die fit, gezond en met zo min mogelijk gewrichtsklachten oud wordt. En dat begint bij de voerbak.
7. Het fokbeleid rond heupdysplasie — waar staan we nu?
De afgelopen jaren zijn er stappen gezet in de strijd tegen heupdysplasie bij de Duitse Herder. De nieuwe regel vanaf 2026 is een goede stap. Maar het is niet genoeg.
HD-C ouderdieren mogen in sommige fokprogramma's nog steeds fokken. DM-testen zijn niet verplicht. Over de sterk gehoekte achterhand en de bouw van sommige showlijnen bestaat al jaren discussie. Er is onderzoek naar verschillen in houding en beweging, maar een rechtstreeks oorzakelijk verband met HD is daarmee niet eenvoudig aangetoond. Meer hierover lees je in ons blog over werklijn vs showlijn.
Het goede nieuws: bewuste fokkers — in Nederland, Duitsland en internationaal — selecteren steeds strenger. In de Duitse fokkerij wordt onder meer met een HD-Zuchtwert gewerkt. Daarbij wordt niet alleen naar de uitslag van één hond gekeken, maar ook naar beschikbare gegevens van verwante honden. Zo probeert men het erfelijke risico van een fokcombinatie beter in te schatten.
De weg is lang. Maar hij gaat de goede kant op.
Wat te doen als je hond HD heeft?
Een HD-diagnose is geen doodsvonnis. Veel honden leven jarenlang goed met HD — mits je de juiste maatregelen neemt.
Medicatie kan pijn en ontsteking verminderen. Gecontroleerde beweging, fysiotherapie en eventueel hydrotherapie kunnen helpen de spieren rondom de gewrichten te onderhouden. Zwemmen kan geschikt zijn, maar bespreek dit bij een hond met klachten eerst met een dierenarts of hondenfysiotherapeut — niet elke hond zwemt technisch goed en ongecontroleerd zwemmen kan vermoeiend zijn. Gewicht op peil houden is essentieel. En bij ernstige gevallen zijn er chirurgische opties.
Werk altijd samen met een dierenarts die gespecialiseerd is in orthopedische aandoeningen. En geef je hond de tijd en ruimte die hij nodig heeft.
Samenvatting — heupdysplasie bij de Duitse Herder
- Heupdysplasie bij de Duitse Herder is een bekende erfelijke ontwikkelingsstoornis, herkenbaar aan bunny hopping bij pups en stijfheid of mank lopen bij volwassen honden — al kunnen deze signalen ook andere oorzaken hebben
- Beoordeling van A (negatief) tot E (positief in optima forma); vraag altijd naar HD- én ED-uitslagen van beide ouderdieren, en liefst ook van de bredere familielijn
- Vanaf januari 2026: geen Nederlandse stambomen meer voor nakomelingen van HD-D of HD-E ouderdieren, of ED II/III
- DM hangt samen met een erfelijke risicovariant en is testbaar via DNA — een at-risk-uitslag is geen diagnose, vraag je fokker er wel naar
- Beweeg een pup met beleid: korte, gevarieerde beweging is goed, langdurige gedwongen inspanning en veelvuldig rennend traplopen niet
- Gewicht is een belangrijke, beïnvloedbare risicofactor — ook voor kruisbandletsel — al is het niet de enige oorzaak van HD
- Een HD-diagnose is geen doodsvonnis — met de juiste begeleiding leven veel honden er goed mee
Heeft jouw herder HD of ED? Of heb jij tips die hebben geholpen? Deel het in de reacties!
Volg ons op YouTube, TikTok en Instagram voor wekelijkse updates van Zara én Odin.
🔗 sillyshepherds.com
🐕 Ervaring, zonder de feiten te vergeten
We schrijven vanuit bijna dertig jaar leven met Duitse Herders. Persoonlijke ervaringen noemen we persoonlijke ervaringen. Medische informatie controleren we aan de hand van betrouwbare bronnen. En als iets niet zeker is, zeggen we dat ook.


























